Saturday, November 17, 2007

Interview Etienne De Wilde

Op dinsdag 20 november gaat de 67'ste Zesdaagse van Gent van start. Wat al meer dan een eeuw een groots wielerfeest is, veranderde vorig jaar in een ware nachtmerrie. Op de voorlaatste wedstrijddag sloeg het noodlot toe voor de 30-jarige Isaac Galvez (foto). De Spanjaard overleed na een zware val op de balustrade rond de piste. De zesdaagse werd stopgezet, de pistewereld ging in de rouw.

Ikzelf was getuige van de onfortuinlijke doodsmak, en ik had de eer en het genoegen om voormalig pistekoning Etienne De Wilde - die goed bevriend was met Galvez - hierover voor Gazet van Antwerpen te interviewen. Ik ging afgelopen week bij mijn groot jeugdidool op de koffie, net zoals Galvez, de dag voordat hij naar de andere kant van de horizon vertrok. Hieronder het volledige interview.

Het is zaterdagnacht, 25 november 2006. De jonge Gentse pistebelofte Iljo Keisse heeft op de voorlaatste dag van de 66ste Zesdaagse van Gent net de eerste ploegkoers gewonnen. Tijdens de wedstrijd achter derny's die daarop volgt, rijdt Kenny De Ketele, een ander opkomend Belgisch talent, zijn tegenstanders op zijn beurt het snot voor de ogen. Het publiek in het Gentse Kuipke is in extase. Maar dan start de tweede ploegkoers van de avond.

Bijna halverwege de wedstrijd raken de Spaanse wereldkampioen Isaac Galvez en onze landgenoot Dimitri De Fauw elkaar in een van de twee bochten van de Gentse wielerbaan. De gevolgen zijn verschrikkelijk. De Fauw komt er met wat schaafwonden vanaf, maar zijn Spaanse collega wordt tegen de balustrade rond de piste geslingerd. Als Galvez na zijn doodsmak van bovenaan de piste naar beneden glijdt, ziet het voltallige publiek nog hoe hij in een allerlaatste reflex zijn hoofd beschermt. Maar het kwaad is dan al geschied. Zijn borstkas is door de ijzeren balustrade diep ingedrukt, waardoor zijn adem voorgoed stokt.

Terwijl een toegesnelde dokter de Spanjaard tevergeefs probeert te reanimeren, verkilt de sfeer in het Kuipke. Absolute euforie slaat om in pure tragedie. Galvez' vaste ploegmaat en boezemvriend Juan Llaneras brengt met tranen in de ogen en gsm in de hand het Spaanse thuisfront op de hoogte van het dramatische ongeval. De andere renners kruipen moedeloos in hun cabines, nu en dan in de richting van het onheil kijkend. Maar ze zien niets, want de mensen van het Rode Kruis hebben Isaac Galvez met zeilen vakkundig afgeschermd van het publiek. Die ingreep kan niet voorkomen dat verscheidene toeschouwers onwel worden.

Op het ogenblik dat Galvez onder een ontroerend applaus wordt weggedragen, staat Etienne De Wilde, jarenlang de absolute publiekslieveling in Gent, pijnlijk getroffen toe te kijken hoe zijn zesdaagse wordt verscheurd door een van de zwaarste ongevallen ooit uit de Belgische wielergeschiedenis. "Het ongeval zelf heb ik niet zien gebeuren. Ik bevond me op dat moment in het vipcafé. Maar toen ik ervan hoorde, ben ik meteen naar de piste gegaan. Het was muisstil. Dat had ik nog nooit meegemaakt."

U kende Isaac Galvez goed?

Etienne De Wilde: Vooral zijn ploegmaat Juan Llaneras ken ik goed. Maar Isaac was ook een goede vriend. De dag voordat de vreselijke valpartij gebeurde, nodigde ik beide renners nog uit bij mij thuis. We hebben toen samen koffie gedronken en gebabbeld. Diezelfde dag ben ik 's avonds ook nog bij Isaac geweest. Hij werd gesponsord door Ronny Deschacht, die ik goed ken omdat hij mij ook jarenlang heeft gesponsord. Ronny wou zijn jongens nog wat drinkgeld geven, en ik ben toen samen met hem naar de cabine van Llaneras en Galvez gegaan om hen die fooi te bezorgen. Daar babbelde ik nog even met Isaac over het wedstrijdverloop tijdens de ploegkoers, die net gedaan was.

Wat voor iemand was hij?

Isaac sprak alleen maar Spaans en een heel klein beetje Frans. Omdat ze in het zesdaagsemilieu vooral Engels en Frans spreken, was hij automatisch een beetje teruggetrokken. Maar ondanks dat was hij echt een toffe gast. Toen ik van Stan Tourné (met wie De Wilde heel wat zesdaagses won, red.) vernam wat er precies was gebeurd, kon ik het eerst niet geloven. Maar toen ik Isaac daar even later zag liggen, onderaan de piste, wist ik dat dit slecht zou aflopen.

Niemand verwachtte dat zoiets kon gebeuren.

Inderdaad. Hij moet heel ongelukkig gevallen zijn. Een valpartij op de piste komt wel vaker voor, maar meestal blijft het dan bij wat schaafwonden of in het ergste geval een sleutelbeenbreuk. In al die tientallen jaren dat er zesdaagses georganiseerd worden, is het misschien één of twee keer gebeurd dat er een renner verongelukte.
Stan Ockers kwam in 1956 ook om het leven na een zware valpartij op de piste. Dat was in een wedstrijd achter zware motoren, wat sowieso niet zonder risico's is. Maar in een gewone zesdaagse is zoiets bijna ondenkbaar.

Hoe kon het ongeval dan toch gebeuren?

Door een ongelukkig toeval. Galvez maakte een inhaalmanoeuvre om voorbij Dimitri De Fauw te geraken. Maar die zag Isaac niet aankomen en week uit naar rechts om afgelost te worden op de kop van het peloton. Daardoor botsten ze tegen elkaar, met de bekende fatale afloop.
De pech voor Galvez was dat de botsing helemaal bovenaan in de piste gebeurde. Als zoiets in het midden van de baan had plaatsgevonden, was Isaac nooit tot tegen de balustrade geslingerd.

Galvez kwam zeer ongelukkig op de balustrade rond de piste terecht. Is de Gentse wielerbaan veilig genoeg?

Het is een van de veiligste banen ter wereld. Ik heb op heel wat andere banen gereden die een stuk gevaarlijker waren. Je kan ook weinig veranderen aan de veiligheid van een piste. De ijzeren balustrade bovenaan kan je niet zomaar weglaten. Die moet het publiek beschermen tegen de renners én moet voorkomen dat de toeschouwers te veel over de piste gaan hangen.

Dimitri De Fauw was kapot na het voorval. Treft hij schuld?

Zeker en vast niet. De Fauw zag Galvez niet aankomen omdat hij in zijn dode hoek zat. Zoiets kan bij iedereen gebeuren. Dimitri voelde zich wel meteen heel schuldig en werd compleet hysterisch toen bekend raakte dat Isaac gestorven was. Ik weet niet of hij het ongeluk ondertussen al volledig verwerkt heeft. Ik heb er nooit met hem over gesproken. Het is nu eenmaal gebeurd, en het heeft weinig zin om er telkens opnieuw over te beginnen.

Hebt u Juan Llaneras nadien nog ontmoet?

Ik ben hem op de maandag na het ongeval gaan opzoeken in zijn hotel. Ik wou hem zeker nog gesproken hebben voordat hij terug naar Spanje vertrok. Maar het was een ontmoeting in dramatische omstandigheden. Hij vertelde me aan welke verwondingen zijn boezemvriend nu precies gestorven was. Op zo'n moment kan je weinig zeggen. Zijn vrouw en mensen van de Spaanse wielerfederatie waren ook juist aangekomen. Ik heb hem mijn innige deelneming overgebracht en ben vertrokken. Achteraf heb ik hem nog gebeld om hem proficiat te wensen met zijn wereldtitel in de puntenkoers in Mallorca, maar over Isaac hebben we toen niet gesproken.

Had u verwacht dat hij zo snel weer de draad zou opnemen?

Eigenlijk niet. Na de dood van Galvez overwoog hij te stoppen met wielrennen. Maar hij droomt ervan om nog deel te nemen aan de Olympische Spelen in Peking, en dat heeft hem blijkbaar terug op de fiets gekregen. Ik ben er trouwens zeker van dat hij volgend jaar een gevaarlijke titelkandidaat voor de puntenkoers in Peking is.

Maar hij neemt dit jaar niet deel aan de Zesdaagse van Gent.

Dat is ook logisch. Als hij toch zou deelnemen, zou de fatale gebeurtenis van vorig jaar voortdurend door zijn hoofd spoken. Misschien dat hij volgend jaar opnieuw aan de start staat, maar dat hij er dit jaar niet bij is, komt voor mij zeker niet als een verrassing.

En de andere renners? Zijn zij bang voor een fatale val in Gent?

Dat denk ik niet. Ze weten dat zoiets tijdens eender welke zesdaagse kan gebeuren. Ze beseffen ook dat wat Isaac overkomen is, puur een speling van het lot was.

Bent u blij dat u zelf niet meer de piste op moet?

Nee, helemaal niet. Ik ben nu een trouwe toeschouwer op de Zesdaagse van Gent, maar ik moet toegeven dat ik het plezieriger vond om er zelf als renner rond te rijden. Soms mis ik de momenten wel waarop ik het Kuipke op zijn kop kon zetten, al besef ik dat er in het leven een tijd van komen en van gaan is. Nu word ik tijdens de zesdaagse vaak door vroegere supporters aangesproken, terwijl daar vroeger geen tijd voor was omdat ik me honderd procent op de wedstrijd moest concenteren. Zo'n hele avond babbelen is wel leuk, maar het is voor mij minstens even vermoeiend als een hele avond meerijden in de zesdaagse.

De mensen zijn u dus nog niet vergeten.
Nee, maar er heeft ondertussen wel een generatiewissel plaatsgevonden. Nieuwe, jonge renners maken nu het mooie weer tijdens de zesdaagses. Zij trekken een nieuw publiek aan. Voor dat publiek ben ik vaak een onbekende, heb ik al gemerkt.

Vult de nieuwe generatie de leemte op die u achterliet?

Ik denk van wel. Iljo Keisse rijdt zeer goed en daarnaast zijn er ook nog wel andere Belgische jongens met een pak talent. Maar er is in vergelijking met mijn generatie wel een leemte op het internationale gebied gekomen. Vroeger waren er in het zesdaagsecircuit uit elk Europees land wel enkele grote namen. Op dit ogenblik is het, op enkele uitzonderingen zoals Bruno Risi en Marco Villa na, ver zoeken naar goede Duitse, Italiaanse en Zwitserse pistiers.

Was de concurrentie in uw tijd sterker?

Moest ik nu samen met Stan Tourné rijden, en niet vijftien jaar geleden, dan zouden we waarschijnlijk een pak meer overwinningen behalen. In onze tijd waren er veel meer deelnemende koppels die een zesdaagse konden winnen. En een groot deel van die koppels maakte er bovendien een sport van om jonge renners op alle mogelijke manieren in het verlies te rijden. Tot onsportief rijgedrag toe.
De kliek rond renners als Danny Clarck, René Pijnen en Didi Thurau gedroeg zich op de piste als een maffia. Zo gebeurde het ooit dat een van hen me tijdens een wilde achtervolging op een ontsnapte renner met opzet hinderde, waardoor ik bijna in de balustrade ging.
Zoiets is nu gelukkig onmogelijk geworden. Iemand als Patrick Sercu, die onder meer de plak zwaait in de Zesdaagse van Gent, wil niet weten van onsportief gedrag op de piste. Een renner die nu een collega opzettelijk hindert, kan meteen zijn valiezen pakken. De zesdaagse van vorig jaar heeft aangetoond waar plotse uitwijkmanoevres toe kunnen leiden.

Wie wint dit jaar de Zesdaagse van Gent?

Dat weet ik niet. Ik denk dat Iljo Keisse een goede kans maakt. Maar vooraleer grote uitspraken te doen, moet ik eerst de deelnemerslijst eens grondig bekijken (lacht).

0 comments: